Geschreven door Brian Imambaks · Lid Anti-corruptie Commissie Suriname · Paramaribo, oktober 2026
Tijdens de Suriname Banking & Finance Summit op 17 oktober 2026 stelde ik de zaal een vraag:
“Als u binnen uw eigen organisatie ernstige misstanden zou ontdekken waarbij een hooggeplaatst of invloedrijk persoon betrokken is, zou u dan precies weten waar u dat moet melden? En zou u erop vertrouwen dat het systeem u beschermt en daadwerkelijk actie onderneemt?”
Ik vroeg wie beide vragen met ja kon beantwoorden om een hand op te steken.
Slechts enkele handen gingen omhoog.
Dat moment is mij bijgebleven. Het bracht een fundamentele vraag over institutionele integriteit terug naar de mensen die erop moeten kunnen vertrouwen: voelen zij zich voldoende geïnformeerd, beschermd en gesteund om zich uit te spreken?
De reactie vraagt om zorgvuldige interpretatie. Mijn vraag combineerde meerdere voorwaarden. We weten daardoor niet of de terughoudendheid vooral ging over onbekende meldkanalen, angst voor represailles of twijfel aan de opvolging. Ook het publiekelijk opsteken van een hand kan gevoelig zijn.
Wat we wel zagen, was dat slechts enkele aanwezigen openlijk vertrouwen uitspraken in het geheel van die voorwaarden. Dat verdient aandacht en nader onderzoek.
Vertrouwen moet in de praktijk standhouden
Ik modereerde die middag het gesprek ‘Integrity in Action: Corruption Risk, Enforcement and Institutional Credibility’. Als lid van de Anti-Corruptie Commissie vond ik vooral de woorden ‘in action’ belangrijk.
Mensen vormen hun oordeel over een instelling aan de hand van wat zij ervaren. Worden besluiten eerlijk genomen? Gelden regels ook voor invloedrijke personen? Wordt een melding zorgvuldig behandeld? Zijn er gevolgen wanneer grenzen worden overschreden?
Een gedragscode, meldprocedure of controlemaatregel krijgt betekenis door de manier waarop die wordt toegepast. Medewerkers moeten begrijpen hoe zij een zorg kunnen melden, welke bescherming beschikbaar is en wat zij van de behandeling mogen verwachten.
De vraag aan de zaal maakte zichtbaar hoe belangrijk het is om die voorwaarden vanuit het perspectief van de gebruiker te beoordelen. Een organisatie kan overtuigd zijn van haar procedures, terwijl medewerkers onvoldoende vertrouwen hebben om er gebruik van te maken.
Dat verschil moeten we serieus nemen.
Institutionele geloofwaardigheid heeft economische waarde
Tijdens de Summit kwamen economische groei, internationaal betalingsverkeer, innovatie, cybersecurity en leiderschap aan bod. Integriteit loopt door al deze onderwerpen heen.
Bedrijven hebben behoefte aan voorspelbare besluiten en een eerlijke behandeling. Burgers moeten erop kunnen vertrouwen dat instellingen zorgvuldig met hun belangen omgaan. Internationale partners willen kunnen beoordelen of risico’s worden begrepen en beheerst.
De discussie over correspondent banking liet zien hoe breed die beoordeling is. Internationale banken kijken naar de financiële instelling waarmee zij zaken doen én naar de omgeving waarin die instelling opereert. Toezicht, handhaving, transparantie over eigendom en betrouwbare informatie beïnvloeden dat vertrouwen.
Institutionele geloofwaardigheid werkt daardoor door in de mogelijkheden om te investeren, samen te werken en toegang te behouden tot financiële diensten.
Voor Suriname maakt de verwachte economische ontwikkeling deze samenhang bijzonder relevant. Grotere geldstromen, complexere transacties en nieuwe zakelijke relaties stellen hogere eisen aan de instellingen die daarbij betrokken zijn.
Van informatie naar zorgvuldig handelen
Een effectief integriteitssysteem moet informatie kunnen omzetten in een passende reactie.
Daarvoor zijn deskundige mensen, voldoende middelen, duidelijke verantwoordelijkheden en goede samenwerking nodig. Bevoegde instellingen moeten relevante informatie rechtmatig kunnen verkrijgen, beoordelen en gebruiken. Zij moeten hun taken onafhankelijk en zorgvuldig kunnen uitvoeren.
Ook de kwaliteit van handhaving telt. Een onderzoek of besluit moet steunen op feiten, een deugdelijke onderbouwing en respect voor de rechten van betrokkenen. Zichtbare activiteit alleen geeft onvoldoende inzicht in de werking van het systeem.
We moeten daarom nauwkeurig zijn wanneer zaken vastlopen. Een tekort aan capaciteit vraagt om een andere oplossing dan onduidelijke bevoegdheden. Gebrekkige informatie-uitwisseling vraagt om een andere aanpak dan bewuste tegenwerking of ongeoorloofde beïnvloeding.
Een geloofwaardige aanpak begint bij het onderzoeken van de oorzaak. Daarmee beschermen we zowel de kwaliteit van het werk als de eerlijkheid tegenover betrokken personen en instellingen.
De verantwoordelijkheid binnen organisaties
Banken, bedrijven en andere organisaties hebben binnen dit geheel een eigen verantwoordelijkheid.
Hun integriteitsmaatregelen moeten herkenbaar doorwerken in besluiten over klanten, leveranciers, tussenpersonen, aanbestedingen en mogelijke belangenconflicten. Medewerkers moeten weten wanneer zij een risico moeten signaleren en bij wie zij terechtkunnen als een situatie hun bevoegdheid overstijgt.
Het gedrag van leidinggevenden is daarbij bepalend.
Medewerkers zien welke zorgen serieus worden genomen, welke uitzonderingen worden toegestaan en welk gedrag wordt beloond. Die dagelijkse ervaringen geven inhoud aan de organisatiecultuur.
Een belangrijke toets ontstaat wanneer een financieel aantrekkelijke kans gepaard gaat met duidelijke integriteitsrisico’s. De manier waarop een organisatie daarop reageert, laat zien hoeveel gezag haar eigen normen werkelijk hebben.
Verantwoordelijkheid moet daarom op ieder niveau herkenbaar blijven. Medewerkers hebben heldere instructies nodig. Leidinggevenden moeten over betrouwbare informatie beschikken. Bestuur en toezicht moeten besluiten kritisch kunnen toetsen en zo nodig laten bijsturen.
Samenwerking vraagt om duidelijke afspraken
Tijdens de Summit werd vaak gesproken over samenwerking. Die is noodzakelijk, omdat verschillende instellingen elk een deel van het integriteitssysteem dragen.
Samenwerking wordt concreet wanneer duidelijk is wie welke informatie nodig heeft, wat rechtmatig kan worden gedeeld, wie verantwoordelijk is voor de volgende stap en hoe vertraging wordt gesignaleerd.
Iedere deelnemer moet kunnen uitleggen wat de eigen bijdrage is. Anders bestaat het risico dat iedereen betrokken is, terwijl niemand zich verantwoordelijk voelt voor het uiteindelijke resultaat.
Daarbij hoort ook terugkoppeling binnen de grenzen van vertrouwelijkheid en wetgeving. Mensen hoeven niet ieder detail van een zaak te kennen om te begrijpen hoe een procedure werkt, welke stappen mogelijk zijn en waar de beperkingen liggen.
Wat kunnen we over twaalf maanden laten zien?
In mijn voorbereiding op het gesprek gebruikte ik drie elementen voor de afsluiting: een concrete prioriteit, een verantwoordelijke partij en bewijs van vooruitgang na twaalf maanden.
Die structuur is ook bruikbaar voor het vervolg op de Summit.
Als betere meldvoorzieningen een prioriteit zijn, moeten we kunnen beoordelen of mensen die kennen en durven gebruiken. Vertrouwelijke feedback kan daarbij helpen. Ook de zorgvuldigheid van de behandeling en de bescherming van melders verdienen aandacht.
Als we investeren in deskundigheid, moeten we kunnen uitleggen welke werkzaamheden daardoor beter worden uitgevoerd. Als informatie-uitwisseling wordt verbeterd, moeten we kunnen aantonen waar relevante informatie tijdiger en betrouwbaarder beschikbaar komt.
Het aantal meldingen alleen is daarbij geen eenvoudige maatstaf. Een stijging kan wijzen op meer problemen, maar ook op meer vertrouwen in het meldproces. Een laag aantal kan verschillende oorzaken hebben. Cijfers krijgen pas betekenis wanneer we ze in hun context onderzoeken.
De kernvraag blijft of gedrag, besluitvorming en resultaten verbeteren.
De betekenis van die paar handen
De enkele handen in de zaal vormen geen representatief onderzoek naar alle organisaties in Suriname. Ze geven ons wel een concrete aanleiding om verder te kijken.
Weten mensen waar zij terechtkunnen? Voelen zij zich voldoende beschermd? Begrijpen zij wat er na een melding gebeurt? En hebben zij reden om erop te vertrouwen dat ook gevoelige zaken eerlijk worden behandeld?
Die vragen verdienen een plek in ons institutionele werk.
Suriname heeft de kans om zich voor te bereiden op een nieuwe economische fase. Integriteit hoort bij die voorbereiding. Zij ondersteunt het vertrouwen dat nodig is voor investeringen, samenwerking en maatschappelijke betrokkenheid.
Over twaalf maanden wil ik kunnen wijzen op duidelijkere verantwoordelijkheden, sterkere uitvoeringscapaciteit en meldvoorzieningen die mensen met vertrouwen kunnen gebruiken.
Dat zijn verbeteringen die we kunnen onderzoeken, aantonen en ervaren. Daarmee krijgt integriteit in actie betekenis.